De dividenduitkering tijdens corona: waar moet u rekening mee houden? - Asselbergs & Klinkhamer advocaten

Asselbergs & Klinkhamer
gaat zorgvuldig met uw privacy om.

Onze website maakt gebruik van cookies. Deze cookies zijn er om de website goed te laten functioneren en om statistieken te verzamelen aan de hand waarvan de website kan worden verbeterd.

Eind maart kwam de Europese Centrale Bank met een aanbeveling voor banken om in ieder geval tot 1 oktober 2020 geen dividend uit te keren aan haar aandeelhouders.

Uit diverse persberichten volgt dat ING, de Rabobank en ABN Amro deze aanbeveling opvolgen en hun dividenduitkering hebben geschrapt.

Naast de banken groeit ook het aantal andere beursgenoteerde ondernemingen dat bij (nader inzien) geen dividend uitkeert. Zo werd het voorstel om tot dividenduitkering over te gaan bij het advies- en ingenieursbureau Arcadis van de agenda voor de algemene vergadering van aandeelhouders (hierna ook: ‘AvA’) geschrapt . Ook bij Heijmans  kwam men terug op het voorstel om dividend uit te keren.

In deze blog zal ik ingaan op de aandachtspunten om in financieel onzekere tijden over te gaan tot het uitkeren van dividend aan aandeelhouders van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (hierna ook: ‘BV’).

Besluiten tot een dividenduitkering

Binnen de BV is de AvA in beginsel bevoegd om een besluit te nemen wat er met de winst van de BV dient te gebeuren. Zo’n besluit kan slechts worden genomen als het eigen vermogen van de BV groter is dan de wettelijke en/of statutaire reserves. In feite ziet deze zogeheten ‘balanstest’  enkel op de gebonden reserves en niet op het aanwezige aandelenkapitaal. Dat is ook logisch, omdat voor de BV sinds 2012 geen minimumkapitaal meer wordt voorgeschreven.

Geen dividenduitkering, zonder goedkeuring van het bestuur

Aandeelhouders kunnen de uitkering zonder goedkeuring van het bestuur niet doorzetten. Als de AvA het besluit om tot uitkering van dividend over te gaan heeft genomen, dient het bestuur van de BV dit besluit goed te keuren. Immers, het bestuur moet erop toezien dat de BV na de dividenduitkering nog steeds aan haar (betalings)verplichtingen kan voldoen.

Het bestuur kan haar goedkeuring weigeren als zij weet of redelijkerwijs voorziet dat de BV na de dividenduitkering niet meer aan haar lopende (betalings)verplichtingen kan voldoen. Daarvan zal in ieder geval sprake zijn als de continuïteit van de BV als gevolg van de dividenduitkering in gevaar zou komen. De wetgever gaat ervan uit dat  het bestuur bij de te maken afweging, rekening houdt met een periode van één jaar.

Intrekken goedkeuring bij financiële onzekerheid

Verslechtert de financiële situatie van de BV nadat goedkeuring is verleend, maar voordat het tot een dividenduitkering is gekomen, dan dient het bestuur opnieuw te beoordelen of de BV onder die gewijzigde omstandigheden in staat zal zijn om aan haar lopende (betalings)verplichtingen te voldoen. Zo nodig kan het bestuur besluiten om de reeds verleende goedkeurig in te trekken.

Het is goed denkbaar dat het bestuur gelet op de uitbraak van het coronavirus en alle gevolgen die dit virus met zich heeft gebracht, haar goedkeuring niet verleend aan een besluit van de AvA om tot dividenduitkering over te gaan of een reeds verstrekte goedkeuring om die reden intrekt, mocht het nog niet tot dividenduitkering zijn gekomen.

Gevolgen bij een onverantwoorde dividenduitkering

Vindt met instemming van de bestuurders een onverantwoorde uitkering plaats, dan zijn zij tegenover de BV persoonlijk aansprakelijk voor het tekort dat door de dividenduitkering is ontstaan.

Naast de bestuurders is ook degene die de uitkering ontving terwijl hij wist of redelijkerwijs kon voorzien dat de BV in de financiële problemen zou komen, tegenover de BV gehouden tot terugbetaling van de dividenduitkering. Ook aandeelhouders kunnen dus gehouden zijn om een onverantwoorde dividenduitkering terug te betalen.

Tot slot kan een curator bij een faillissement terugbetaling vorderen van het tekort dat door de dividenduitkering is ontstaan.

Conclusie

Hoewel de AvA in beginsel het besluit neemt om tot uitkering van dividend over te gaan, kan het bestuur haar goedkeuring aan dat besluit weigeren of een reeds verleende goedkeuring gelet op de huidige financieel onzekere situatie, intrekken.

Gaat de BV over tot een dividenduitkering, maar komt vast te staan dat deze onverantwoord was, dan kan dat tot gevolg hebben dat de bestuurders persoonlijk aansprakelijkheid zijn. Ook kunnen de aandeelhouders die wisten dat de uitkering onverantwoord was gehouden zijn om dividenduitkering terug te betalen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.