Gaat het wetsvoorstel Wet kwaliteitsborging voor het bouwen door?

Asselbergs & Klinkhamer
gaat zorgvuldig met uw privacy om.

Onze website maakt gebruik van cookies. Deze cookies zijn er om de website goed te laten functioneren en om statistieken te verzamelen aan de hand waarvan de website kan worden verbeterd.

Het wetsvoorstel Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) zorgt voor grote veranderingen in het bouwrecht. Wanneer dit wetsvoorstel door de Eerste Kamer wordt aangenomen, heeft dat grote gevolgen voor projectontwikkelaars, aannemers en gemeenten. Sinds 11 juli 2017 was er onduidelijkheid over het lot van dit wetsvoorstel. De Eerste Kamer heeft toen – op verzoek van oud-minister Plasterk – de stemming aangehouden. Op 29 juni 2018 heeft minister Ollongren de Eerste Kamer in een brief verzocht de behandeling van het wetsvoorstel Wkb te hervatten.

Het wetsvoorstel Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

Zeer vereenvoudigd houdt het wetsvoorstel in dat de aansprakelijkheid van de aannemer toeneemt. Daarnaast houdt – in plaats van de gemeente – een private kwaliteitsborger op de bouw toezicht. Voor een toelichting op het wetsvoorstel verwijs ik naar de pagina over het wetsvoorstel Wet kwaliteitsborging voor het bouwen op onze site.

De brief van minister Ollongren

Minister Ollongren schrijft dat met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Vereniging Bouw- & Woningtoezicht Nederland is gewerkt aan afspraken over de invoering van het nieuwe stelsel van kwaliteitsborging. Onderdeel van de afspraken is de invoering te koppelen aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Die is op 1 januari 2021.

Het wetsvoorstel regelt dat de aannemer aansprakelijk is voor gebreken die niet bij oplevering zijn ontdekt, tenzij de gebreken niet aan de aannemer zijn toe te rekenen, aldus de minister. Een belangrijk verschil met de huidige situatie is volgens de minister dat de aannemer niet langer kan volstaan met het verweer dat de opdrachtgever het gebrek had moeten ontdekken bij de oplevering. De aannemer zal ook na oplevering moeten aantonen dat het gebrek niet aan hem valt toe te rekenen.

De opdrachtgever zal wel moeten bewijzen dat sprake is van een tekortkoming in de nakoming van de aanneemovereenkomst, aldus de minister. Zij wijst erop dat het wetsvoorstel niet verandert dat de opdrachtgever binnen redelijke termijn over de gebreken dient te klagen. De rechter kan overigens rekening houden met de omstandigheid dat een gebrek (mede) door toedoen van door de opdrachtgever ingeschakelde derden is veroorzaakt.

In de brief benadrukt de minister dat de kwaliteitsborger niet de handhavingstaak van de gemeente overneemt. De gemeente blijft het bevoegd gezag. Het kan zo nodig de bouwtechnische voorschriften uit het Bouwbesluit 2012 handhaven.

De minister concludeert dat geen novelle (wetsvoorstel die aanpassingen aanbrengt in het wetsvoorstel Wkb) noodzakelijk is. Dit betekent dat de minister de Eerste Kamer voorstelt het wetsvoorstel ongewijzigd aan te nemen.

Bespreking wetsvoorstel Wkb in Eerste Kamer

Een Eerste Kamercommissie bespreekt op 3 juli 2018 de brief van minister Ollongren. Bij een latere stemming zullen de ogen op de CDA-fractie in de Eerste Kamer zijn gericht. VVD, D66 en PvdA hebben al aangegeven voor het wetsvoorstel te zullen stemmen. De CDA-fractie gaf eerder aan twijfels te hebben. Overigens had de CDA-fractie in de Tweede Kamer wel voor het wetsvoorstel gestemd. En nu zit de CDA in de coalitie. Wordt vervolgd.

Fotocredits: vladdeep / Adobe Stock

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.