Wanneer heb je recht op shockschade? - Asselbergs & Klinkhamer Advocaten

Wanneer heb je recht op shockschade?

21 jul 2022 Letselschaderecht Caroline Mes

De Hoge Raad geeft in een uitspraak van 28 juni 2022 nadere aanknopingspunten voor de beoordeling van die vraag.

Ik wil meer weten over letselschaderecht

Wat is shockschade?

Shockschade is (schade door) psychisch letsel als gevolg van waarneming van, of confrontatie met (de ernstige gevolgen van) een ongeval of misdrijf dat een ander is overkomen en waarbij diegene dodelijk of ernstig gewond raakt.

De vereisten

Op grond van vaste rechtspraak van de Hoge Raad moet worden voldaan aan drie vereisten om aanspraak te kunnen maken op shockschade:

  1. er moet sprake zijn van een onrechtmatige daad, het overtreden van een veiligheidsnorm of gevaarzettende situatie waardoor iemand zwaargewond is geraakt of is overleden;
  2. degene die een ongeval of misdrijf heeft waargenomen of direct werd geconfronteerd met de gevolgen daarvan (het secundaire slachtoffer) moet in een emotionele shock terecht zijn gekomen (het confrontatievereiste);
  3. er moet bij dat secundaire slachtoffer sprake zijn van ernstig psychisch letsel en een in de psychiatrie erkend ziektebeeld. Indien er sprake is van een nauwe affectieve relatie met het primaire slachtoffer kan sneller worden aangenomen dat sprake is van dergelijk psychisch leed.

 

Het taxi-bus arrest van de HR van 22 februari 2002

De hiervoor genoemde vereisten zijn afkomstig uit het bekende “taxibus-arrest” van 22 februari 2002. In dat arrest werd de vraag of aanspraak kon worden gemaakt op shockschade door de Hoge Raad voor het eerst bevestigend beantwoord.

Discussie over de toepassing van het confrontatievereiste

Sinds het taxibus-arrest is in de lagere rechtspraak veel discussie gevoerd over de vraag onder welke omstandigheden wordt voldaan aan het confrontatievereiste. Wanneer sprake is van het waarnemen van het ongeval of het misdrijf is vaak duidelijk dat aan dit vereiste wordt voldaan. Als het secundaire slachtoffer het ongeval of het misdrijf niet daadwerkelijk heeft waargenomen, maar wel kort daarna op de plaats van het ongeval of het delict met gevolgen ervan is geconfronteerd, wordt meestal ook aangenomen dat aan de confrontatie-eis is voldaan.

Is de schadeveroorzakende gebeurtenis niet waargenomen en is het secundaire slachtoffer niet kort daarna op de plaats van het ongeval of het misdrijf met de gevolgen daarvan geconfronteerd, dan is minder duidelijk of aan het confrontatievereiste is voldaan. In de lagere rechtspraak is in de afgelopen jaren verschillend geoordeeld over dit soort gevallen. In de zaken waarin de gevorderde shockschade door de rechter werd afgewezen, werd vaak (mede) van belang geacht dat de confrontatie niet ‘onverwachts’ en/of ‘onverhoeds’ was.

Voor meer achtergrondinformatie met betrekking tot de discussie over het confrontatievereiste en voorbeelden van uitspraken hierover verwijs ik naar de uitgebreide conclusie van advocaten-generaal Spronken en Lindenbergh, die is genomen in een andere zaak op 22 februari 2022.

In zijn uitspraak van 28 juni 2022 probeert de Hoge Raad (onder andere) meer duidelijkheid te geven over de juiste toepassing van het confrontatievereiste.

shockschade

''Op grond van vaste rechtspraak van de Hoge Raad moet worden voldaan aan drie vereisten om aanspraak te kunnen maken op shockschade.''

De uitspraak van de HR van 28 juni 2022

De feiten

De zaak gaat over een moeder die door het hof wordt veroordeeld wegens doodslag op haar achtjarige dochter. Bewezenverklaard wordt dat de moeder het meisje van de tiende verdieping van de flat waar zij woonden naar beneden heeft “doen of laten vallen”, ten gevolge waarvan zij is overleden.

De vader van het meisje heeft haar stoffelijk overschot in het mortuarium gezien, waarbij hij is geconfronteerd met de schokkende, destructieve impact van de val op haar lichaam. Om de zaak – die aanvankelijk was geseponeerd wegens gebrek aan bewijs – heropend te krijgen is de vader verder noodgedwongen geconfronteerd met de foto’s van zijn dochter net na haar neerkomen. Vader stelt zich op het standpunt dat deze gruwelijke foto’s, in combinatie met de confrontatie in het mortuarium en alle andere verklaringen een hevige emotionele shock bij hem teweeg heeft gebracht. Een klinisch psycholoog/psychotherapeut heeft vastgesteld dat de vader lijdt aan een posttraumatische stressstoornis en intensieve behandeling nodig heeft.

De vader vordert in hoger beroep een bedrag van € 50.000,- aan shockschade.

Het hof heeft de door vader gevorderde shockschade deels (namelijk tot € 20.000,-) toegewezen. In cassatie wordt aangevoerd dat dit onterecht is, omdat de confrontatie van de vader met zijn dochter niet onverhoeds en niet onvermijdbaar was.

Gezichtspunten bij de beoordeling van de onrechtmatigheid

De Hoge Raad geeft in de uitspraak van 28 juni 2022 een aanvulling op het taxibus-arrest en noemt een aantal gezichtspunten die een rol spelen bij de beoordeling van de onrechtmatigheid jegens het secundaire slachtoffer, namelijk:

  1. De aard, de toedracht en de gevolgen van de jegens het primaire slachtoffer gepleegde onrechtmatige daad, waaronder de intentie van de dader en de aard en ernst van het aan het primaire slachtoffer toegebrachte leed.
  2. De wijze waarop het secundaire slachtoffer wordt geconfronteerd met de jegens het primaire slachtoffer gepleegde onrechtmatige daad en de gevolgen daarvan. Daarbij kan onder meer worden betrokken of hij door fysieke aanwezigheid of anderszins onmiddellijk kennis kreeg van het onrechtmatige handelen jegens het primaire slachtoffer, of dat hij nadien met de gevolgen van dit handelen werd geconfronteerd. Bij een latere confrontatie kan een rol spelen in hoeverre zij onverhoeds was. Bij het aan dit gezichtspunt toe te kennen gewicht kan meewegen of het secundaire slachtoffer beroepsmatig of anderszins bedacht moest zijn op een dergelijke schokkende gebeurtenis.
  3. De aard en hechtheid van de relatie tussen het primaire slachtoffer en het secundaire slachtoffer, waarbij geldt dat bij het ontbreken van een nauwe relatie niet snel onrechtmatigheid kan worden aangenomen.

De Hoge Raad overweegt dat de feitenrechter aan de hand van onder meer deze gezichtspunten in hun onderlinge samenhang beschouwd van geval tot geval moet beoordelen of sprake is van onrechtmatigheid, waarbij niet op voorhand aan een van deze gezichtspunten doorslaggevende betekenis toekomt. Als een van deze gezichtspunten geen duidelijke indicatie voor het aannemen van onrechtmatigheid geeft, kan onrechtmatigheid desondanks worden aangenomen als de omstandigheden daarvoor, bezien vanuit de overige gezichtspunten, voldoende zwaarwegend zijn.

Het vereiste van geestelijk letsel

In het taxibus-arrest is bepaald dat sprake moet zijn van ernstig psychisch letsel en een in de psychiatrie erkend ziektebeeld om aanspraak te kunnen maken op shockschade. De Hoge Raad gaat in dit arrest ook in op de vragen die in de praktijk zijn gerezen ten aanzien van dit vereiste.

De Hoge Raad overweegt dat het recht op vergoeding van schade die is veroorzaakt door het onrechtmatig teweegbrengen van een hevige emotionele schok beperkt is tot de schade die volgt uit geestelijk letsel. Voor de toewijzing van schadevergoeding is vereist dat het bestaan van dat geestelijk letsel naar objectieve maatstaven is vastgesteld. Met het stellen van de eis van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld is volgens de Hoge Raad beoogd tot uitdrukking te brengen dat die emotionele schok moet hebben geleid tot geestelijk letsel dat gelet op aard, duur en/of gevolgen ernstig is, en in voldoende mate objectiveerbaar. Het oordeel van een ter zake bevoegde en bekwame deskundige (zoals een psychiater, huisarts of psycholoog) is genoeg, ook als in de rapportage geen diagnose van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld wordt gesteld.

De Hoge Raad voegt hier nog aan toe dat als sprake is van geestelijk letsel als hier bedoeld, zowel de materiële als de immateriële schade die daarvan het gevolg is voor vergoeding in aanmerking komt.

De samenloop van shockschade en affectieschade

Naast een aanspraak op shockschade kan een secundair slachtoffer sinds de invoering van het Wetsvoorstel Affectieschade op 1 januari 2019 in sommige gevallen ook, als naaste van het primaire slachtoffer, aanspraak maken op affectieschade. Voor een antwoord op de vraag wat affectieschade precies is, verwijs ik naar de blog van mijn collega: Wetsvoorstel Affectieschade.

In de praktijk bestond ook discussie over de vraag hoe een rechter moet omgaan met de samenloop van aanspraken op shock- en affectieschade. De Hoge Raad bepaalt in deze zaak dat shock- en affectieschade naast elkaar kunnen bestaan.

Toegepast op de casus

Aan de hand van de hiervoor geschetste overwegingen komt de Hoge Raad tot de conclusie dat het hof de door de vader gevorderde shockschade terecht heeft toegewezen. Dat de vader pas op een later moment met de gevolgen van het misdrijf is geconfronteerd en dat die confrontaties in het mortuarium en nadien nog met foto’s niet onverhoeds en ook niet onvermijdbaar waren, doet daaraan niet af. Daarbij zijn de gruwelijke toedracht van het bewezenverklaarde en de directe familieband tussen het slachtoffer en de benadeelde partij van belang.

shockschade

''Naast een aanspraak op shockschade kan een secundair slachtoffer in sommige gevallen ook aanspraak maken op affectieschade.''

Tot slot

De uitspraak van de Hoge Raad maakt naar mijn mening duidelijk dat de drie vereisten waaraan moet zijn voldaan om aanspraak te kunnen maken op shockschade niet terughoudend hoeven te worden uitgelegd. De Hoge Raad lijkt mee te voelen met de secundaire slachtoffers. Nu is het afwachten of de lagere rechtspraak de Hoge Raad hierin zal volgen.

Meer weten?

Wil je meer weten over shockschade? Neem dan vrijblijvend contact op met mij of mijn collega’s van de sectie letselschade. Wij helpen je graag!

Ik ga contact opnemen

Over de blogger
Caroline Mes

Caroline werkt sinds september 2021 als jurist bij de sectie Letselschade van Asselbergs & Klinkhamer.

Meer artikelen van Caroline Mes
Caroline mes

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *