Juridisch advies nodig? Maak een afspraak

Huren van een bedrijfsruimte

Het huurrecht gaat over zowel de rechten en de plichten van de verhuurder als de huurder. In dit geval gaat het dus om het verhuren van een bedrijfsruimte in ruil voor een tegenprestatie, meestal een geldbedrag. Een veelvoorkomend misverstand is dat pacht hetzelfde zou zijn als huur, bijvoorbeeld voor horecabedrijven. Pachten heeft echter alleen betrekking heeft op het gebruik van los land of een hoeve voor bedrijfsmatige landbouw, terwijl huur op veel meer situaties ziet.

Bij (ver)huur van bedrijfsruimte moet onderscheid worden gemaakt tussen de middenstandsbedrijfsruimte en de overige bedrijfsruimte. Dit onderscheid heeft grote gevolgen voor de mogelijkheden om de huur te beëindigen en de bescherming die de huurder geniet. Twijfelt u waar uw bedrijfsruimte onder valt, neem dan contact op met Asselbergs & Klinkhamer Advocaten zodat wij dit voor u kunnen ophelderen.

Middenstandsbedrijfsruimte

Een middenstandsbedrijfsruimte (ook wel de 290-bedrijfsruimte) is een pand dat publiek toegankelijk is en waar een product of dienst geleverd wordt. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om een winkel, een restaurant, een hotel of camping.

De huurovereenkomst van een middenstandsbedrijfsruimte kan worden beëindigd met wederzijds goedvinden. Als er geen sprake van wederzijds goedvinden liggen de zaken anders dan bij bijvoorbeeld de (ver)huur van een woning. De huurder van de bedrijfsruimte is in principe tien jaar van huurrecht verzekerd, meestal opgesplitst in twee termijnen van vijf jaar. De huurder kan dan na vijf jaar opzeggen, maar de verhuurder kan alleen na vijf jaar opzeggen via de rechter als de huurder zich niet als een goed huurder heeft gedragen of als de verhuurder het pand zelf dringend voor langere termijn nodig heeft. De opzegtermijn is minimaal een jaar voordat de huurtermijn is verstreken. Na tien jaar zijn de opzegmogelijkheden voor de verhuurder ruimer. Vanwege deze lange termijnen is het mogelijk een indeplaatsstelling te regelen, wat inhoudt dat de nieuwe huurder in de plaats komt van de huurder die de huurovereenkomst was aangegaan bij de verkoop van het bedrijf.

Wilt u meer informatie over het (ver)huren van de middenstandbedrijfsruimte en eventuele problemen die hierbij komen kijken, het beëindigen van de huurovereenkomst en/of een indeplaatsstelling, dan bent u bij Asselbergs & Klinkhamer Advocaten aan het goede adres.

Heeft u een vraag?Binnen 48 uur antwoord
Stel uw vraag hier

Overige bedrijfsruimte

Een overige bedrijfsruimte (ook wel de 230a-bedrijfsruimte) is iedere gebouwde onroerende zaak die geen middenstandsbedrijfsruime of woonruimte is, bijvoorbeeld een kantoorruimte, fabrieksruimte of loods. De termijn van huren is vrij en partijen kunnen een termijn voor bepaalde of onbepaalde tijd overeenkomen. Het is dan ook raadzaam om u door Asselbergs & Klinkhamer Advocaten te laten adviseren over de voor- en nadelen die aan deze keuze verbonden zijn.

De enige bescherming die deze huurder na een rechtsgeldige opzegging van de huurovereenkomst heeft, is de ontruimingsbescherming. Dit houdt in dat de huurder de gehuurde ruimte in de twee maanden nadat de ontruiming aan de huurder is gemeld, nog niet hoeft te ontruimen. In deze twee maanden kan de huurder de rechter verzoeken om de termijn te verlengen. Als de huurder dit doet hoeft hij of zij niet te ontruimen zolang de rechter nog geen besluit heeft genomen. De rechter weegt de belangen van de verhuurder en de huurder tegen elkaar af en kan tot drie maal toe de opzegtermijn met een jaar verlengen. Het is dus belangrijk u bij te laten staan door een specialist, zodat uw belang goed wordt vertegenwoordigd.

De vastgoedspecialisten van Asselbergs & Klinkhamer Advocaten hebben ruime ervaring op dit gebied. Zij kunnen eventueel ook als mediator optreden zodat een gang naar de rechter mogelijk vermeden kan worden.

Neem contact op. 

Vastgoedrecht