Carnavalsmasker beter dan echte emoties in de rechtzaal?

Asselbergs & Klinkhamer
gaat zorgvuldig met uw privacy om.

Onze website maakt gebruik van cookies. Deze cookies zijn er om de website goed te laten functioneren en om statistieken te verzamelen aan de hand waarvan de website kan worden verbeterd.

In de rechtszaal krijgt een boos slachtoffer vaak minder begrip dan een redelijk slachtoffer. Er is in mijn dertigjarige carrière een paar keer tegen mij gezegd:

“Je hebt je klant niet in de hand.”

(door de advocaat van een wederpartij) of:

“Wilt u uw klant vragen rustig te zijn.”

(door de rechter).

Onlangs gebeurde het weer.

Emotioneel slachtoffer na medische fout

Ik zat bij de rechtbank in Rotterdam. Een klant werd al 15 jaar door een ziekenhuis aan het lijntje gehouden, na een duidelijke medische fout. Ik was inmiddels de derde advocaat van het slachtoffer. De schade was nog steeds niet vastgesteld en uitgekeerd. Ik legde de zaak dus aan de rechtbank voor.

De zitting begon met de vraag aan mijn klant:

“Hoe gaat het met u?”

De advocaat van het ziekenhuis keek even opzij naar mijn klant en glimlachte. Mijn klant sprong uit zijn vel. Hij brieste en schreeuwde dat zijn leven al 15 jaar werd beheerst door die vreselijke man die zojuist naar hem zat te grijnzen. Waarop de rechter tegen mij zei:

“Wilt u vragen aan uw klant of hij rustig wil blijven, anders moet hij de zittingzaal uit.”

En de advocaat van het ziekenhuis zei even later tegen mij:

“Je hebt je klant niet in de hand.”

De professionaliteit van slachtoffers en advocaten

Maar ik vroeg mij af:

Wie heeft nu zichzelf niet in de hand? De advocaat van ziekenhuis niet of mijn klant niet?

Ik maakte een afweging en kwam tot de conclusie dat mijn klant uit zijn vel mocht springen en boos mocht zijn. En dat ik hem helemaal niet hoefde te vragen rustig te blijven.

Het leek mij beter aan de advocaat van het ziekenhuis te vragen zichzelf in de hand te houden en niet naar mijn klant te kijken en zeker niet te glimlachen. Hij kwam heel rustig en sympathiek over.

Hij kent het kunstje door heel beschaafd erg onaardig te zijn. Dat kunstje beheerst mijn klant niet, omdat hij door de fout van het ziekenhuis hersenletsel heeft opgelopen en al jaren in een financieel en psychisch penibele situatie zit.

Balanceren tussen emoties en redelijkheid

Wat is dat eigenlijk: je klant in de hand houden?

Zou dat niet de advocaat van een aansprakelijke partij moeten zijn, die tegen zijn klant hoort te zeggen:

“Gedraag je. Je gebruikt argumenten die niet ter zake doen en waarmee je het het slachtoffer onnodig moeilijk maakt.”

Of is dat de advocaat van het slachtoffer die alle zeilen bij moet zetten om aan de klant uit te leggen waarom het argument van de aansprakelijke partij toch ook wel hout snijdt en nader onderzocht moet worden?

Vaak moet ik balanceren tussen de gevoelens van onmacht van mijn klant en de redelijkheid die het recht van mij vraagt; tussen de boosheid en onredelijkheid van mijn klant en de wetenschap dat ik zijn zaak beter over het voetlicht krijg als hij en ik redelijk blijven, en die redelijkheid aan de rechtbank laten zien.

Fotocredits:Kaspars Grinvalds / Adobe Stock

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.