Slapend dienstverband (update!)

26 aug 2016 Arbeidsrecht Jeroen van Kollenburg

N.b. Dit artikel is meer dan een jaar geleden voor het laatst gewijzigd. De informatie kan verouderd zijn.
Eerder heb ik in mijn blog al aandacht geschonken aan de problematiek rondom het slapend dienstverband. Hiermee wordt bedoeld dat een werkgever de arbeidsovereenkomst met een zieke werknemer na het verstrijken van de loondoorbetalingsperiode in stand houdt. De werknemer blijft dan in dienst bij de werkgever, maar er is geen sprake meer van een verplichting om loon door te betalen. Een werkgever kan na het verstrijken van de loondoorbetalingsperiode van 104 weken relatief eenvoudig een ontslagvergunning verkrijgen bij UWV om het dienstverband met de werknemer te beëindigen. Dat een werkgever hier niet voor kiest heeft alles te maken met de inwerkingtreding van de Wet Werk en Zekerheid die aan de werknemer een recht toekent op een transitievergoeding. Veel werkgevers vinden dit oneerlijk nu de werkgever het loon tijdens ziekte al heeft moeten doorbetalen, zonder dat daar een tegenprestatie tegenover heeft gestaan. Daarnaast zien werkgevers op tegen de financiële last die uitbetaling van een transitievergoeding met zich meebrengt. Vanuit werknemersperspectief gezien is het slapend dienstverband niet aantrekkelijk. veel werknemers vinden dat de werkgever op oneigenlijke gronden het dienstverband in staat laat en daarmee ernstig verwijtbaar handelt. De werknemer maakt aanspraak op de transitievergoeding en probeert deze aanspraak regelmatig af te dwingen door zelf naar de kantonrechter te stappen met het verzoek het dienstverband te beëindigen en een vergoeding toe te kennen. In de lage(re) rechtspraak zijn al diverse zaken behandeld waarin werknemers proberen via deze route alsnog toekenning van een vergoeding af te dwingen. Tot nu toe zonder succes. Het wachten was op de eerste uitspraken in hoger beroep. Op 27 juli 2016 heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zich in hoger beroep over een dergelijke kwestie gebogen. Het Hof is van mening dat wanneer de werknemer na ommekomst van de loondoorbetalingstermijn geen stappen onderneemt om tot beëindiging van het dienstverband te komen, geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten. Ook niet indien de werkgever hiermee enkel een financieel doel nastreeft. De werknemer krijgt dus nul op het rekest en ik voorzie dat in Nederland een praktijk zal ontstaan waarin veel werkgevers kiezen voor het slapend houden van het dienstverband dan wel proberen een beëindigingsovereenkomst te sluiten met de werknemer waarin een (beduidend) lager bedrag wordt aangeboden dan de transitievergoeding. De Minister heeft eerder aangegeven te studeren op een collectieve voorziening waaruit een transitievergoeding ten gunste van een werknemer moet worden betaald. Daarbij wordt ook in ogenschouw genomen of een oplossing met terugwerkende kracht tot stand kan komen. Zolang nieuwe regelgeving uitblijft, dreigt het slapend dienstverband eerder regel dan praktijk te worden. Mocht de Minister dit blog lezen, dan adviseer ik hem dit punt hoog op zijn prioriteitenlijst te zetten en nog dit najaar met een oplossing te komen. Jeroen van Kollenburg Specialist Arbeidsrecht Fotocredits: Fotolia / Paolese

Over de blogger
Jeroen van Kollenburg

Jeroen geeft als salary-partner leiding aan de sectie arbeidsrecht. Hij adviseert onder meer over complexe ontslagkwesties, (internationale) reorganisaties, medezeggenschap en overtreding van arbeidsomstandighedenwetgeving.

Meer artikelen van Jeroen van Kollenburg

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.